Menu
PORTFOLIO ACCESS
Erfrecht - Het nieuwe huwelijksvermogensrecht

Erfrecht - Het nieuwe huwelijksvermogensrecht

Het nieuwe huwelijksvermogensrecht in voege vanaf 1 september 2018.

Nog meer bescherming voor de langstlevende echtgenoot.

In onze vorige magazines gingen we al uitvoerig in op de wijziging van het erfrecht. Minder in het oog springend maar voor sommige echtparen of geliefden die op het punt staan te huwen misschien wel even belangrijk, is dat op 1 september 2018, samen met de inwerkingtreding van het nieuwe erfrecht, ook een vernieuwd huwelijksvermogensrecht van toepassing werd. De nieuwe bepalingen werden vastgelegd in een wet van 22 juli 2018 en naast wijzigingen aan het eigenlijke huwelijksvermogensrecht zijn er ook een aantal nieuwe bepalingen in vastgelegd die de positie van de langstlevende in het erfrecht verstevigen. We gaan hierna in op enkele van de belangrijkste wijzigingen.

1 Als je gehuwd bent onder het wettelijk stelsel zal je partner ook kunnen meegenieten van de inkomsten die je genereert binnen jouw vennootschap.
Verdiensten van echtgenoten die zijn gehuwd onder het wettelijk stelsel vallen binnen het gemeenschappelijk vermogen. Elke partner is daar voor de helft eigenaar van ongeacht wat elk van hen verdient. Tot voor kort kon echter een echtgenoot die zijn beroepsactiviteit binnen een vennootschap uitoefende heel wat beroepsinkomsten onttrekken aan dat gemeenschappelijk vermogen, door de inkomsten op te potten in de vennootschap waarvan hij de aandelen bezit; beroepsgoederen zijn immers een ‘eigen goed’. De hervorming van het huwelijksvermogensrecht bepaalt nu dat als je kiest om te werken met een vennootschap, dit de andere echtgenoot geen nadeel mag berokkenen: als je onder vennootschap werkt, ben je aan het gemeenschappelijk vermogen een vergoeding verschuldigd voor de netto-beroepsinkomsten die het gemeenschappelijk vermogen had kunnen ontvangen als je niet onder vennootschap zou gewerkt hebben.

2 Invoering van een ‘vierde huwelijksstelsel': scheiding van goederen met verrekening van aanwinsten.
Tot 1 september had de wet slechts drie grote huwelijksstelsels voorzien:

- het wettelijk stelsel dat drie vermogens bevat: de eigen vermogens van elk van de echtgenoten en het gemeenschappelijk vermogen waarbinnen de ‘aanwinsten’ vallen zoals de beroepsinkomsten maar ook de inkomsten van eigen goederen;
- het algehele gemeenschapsstelsel: dan is er slechts één gemeenschappelijk vermogen;
- het stelsel van scheiding van goederen: dan hebben de partners slechts enkel hun eigen vermogen en bestaat er geen gemeenschappelijk vermogen. In de praktijk zullen er in het stelsel van scheiding van goederen, naast de eigen vermogens ook wel onverdeeldheden ontstaan waarvoor ofwel doelbewust wordt gekozen (zoals de gezamenlijke aankoop van een onroerend goed) of die eerder toevallig ontstaan doordat men goederen koopt zonder deze op naam van de ene of de andere echtgenoot te laten factureren.


Voor het stelsel van scheiding van goederen wordt vaak gekozen wanneer één van de echtgenoten een zelfstandige en/of risicovolle beroepsactiviteit uitoefent; in dat geval kunnen de schuldeisers van deze echtgenoot in principe niet aan het vermogen van de andere echtgenoot. Maar het nadeel is dat als één van de echtgenoten dan substantieel meer verdient dan de andere, de andere ook helemaal niet van dit vermogen kan meegenieten bij echtscheiding of overlijden.


Door nu in een vierde stelsel te voorzien – scheiding van goederen met verrekening van aanwinsten – voorziet de wetgever in een stelsel van scheiding van goederen met een grotere solidariteit:
tijdens het huwelijk gelden de regels van de scheiding van goederen maar bij de ontbinding van het huwelijk gebeurt een verrekening op grond van de aanwinsten die tijdens het huwelijk zijn opgebouwd.

3 Mogelijkheid tot invoering van een rechterlijke billijkheidscorrectie voor echtgenoten gehuwd onder scheiding van goederen.
Indien echtgenoten beslissen te huwen onder het stelsel van scheiding van goederen dan zal de notaris hen uitdrukkelijk moeten wijzen op de nadelen van dit stelsel ingeval van ontbinding van het huwelijk en moet hij hen wijzen op de mogelijkheden om dit te milderen. Zo’n mildering kan door te kiezen voor het stelsel van scheiding van goederen met verrekening van aanwinsten (zie punt 2) maar een andere mogelijkheid is om een billijkheidscorrectie’ in te schrijven in het huwelijkscontract. Als men deze laatste clausule opneemt, dan laat men de rechter toe om, wanneer dit bij de ontbinding van het stelsel van scheiding van goederen door echtscheiding zou leiden tot manifeste onbillijkheden, een vergoeding toe te kennen aan de benadeelde echtgenoot. Dit zal sowieso niet gelden voor huwelijkscontracten die zijn afgesloten vóór 1 september 2018 en het staat echtgenoten nog steeds vrij te kiezen voor het stelsel van ‘zuivere’ scheiding van goederen zonder verrekening of billijkheidscorrectie.

4 Verbetering van het erfrecht van de langstlevende echtgenoot.
De wettelijke vererving voorziet in ruimere aanspraken van de langstlevende echtgenoot ingeval er geen afstammelingen (kinderen / kleinkinderen) zijn. In dat geval zal de langstlevende echtgenoot niet alleen het volledige gemeenschappelijk vermogen in volle eigendom erven maar ook de volle eigendom van alles wat de eerststervende en de langstlevende echtgenoot samen in onverdeeldheid hadden.


In het geval de overledene eigen goederen nalaat (in exclusieve eigendom) zullen de erfgenamen van de vierde orde (dat zijn alle erfgenamen die geen kind, (groot)ouder, broer/zus of het kind van een broer of zus zijn) vanaf 1 september 2018 niet langer erfgenaam zijn. Op voorwaarde natuurlijk dat er nog een langstlevende echtgenoot is.

5 Echtgenoten kunnen elkaar nog meer onterven bij een huwelijk met kinderen uit een vorige relatie.
Echtgenoten die elkaar niet wensen te bevoordelen omdat ze (of één van hen) al kinderen uit een vorig huwelijk hebben, waren toch nog altijd verplicht minstens het vruchtgebruik op de gezinswoning en de inboedel aan de langstlevende te laten. In het huwelijkscontract kunnen echtgenoten dat vruchtgebruik nu ook ontnemen aan de langstlevende maar deze zal wel nog altijd gedurende een periode van 6 maanden vanaf het overlijden de gezinswoning mogen bewonen en de huisraad gebruiken.

6 Het verbod van verkoopovereenkomsten tussen echtgenoten is sinds 1 september afgeschaft.
Tot nu toe gold het principe dat echtgenoten, wat ook hun huwelijksstelsel is, geen koopcontract kunnen aangaan ( behoudens vier uitzonderingen voorzien in art. 1595 van het Burgerlijk Wetboek). Dit verbod was volgens de wetgever achterhaald omdat echtgenoten daarbuiten al wel een grote contractuele vrijheid hadden om hun vermogensrechtelijke relatie te regelen. Er werd al lang gepleit om dit af te schaffen, zoals in Frankrijk en Nederland al een hele tijd geleden is gebeurd.

7 Ook bij het stelsel van scheiding van goederen geldt het regime van de huwelijksvoordelen.
Vroeger werden alleen schikkingen in het huwelijkscontract m.b.t. het gemeenschappelijk vermogen als ‘huwelijksvoordeel’ beschouwd. Dit houdt in dat als men aan de langstlevende echtgenoot een groter deel dan zijn/haar eigen helft van het gemeenschappelijk vermogen laat overgaan, dit ten aanzien van de gemeenschappelijke kinderen als ‘ten bezwarende titel’ geldt en niet als een schenking wordt beschouwd. Daardoor kunnen de kinderen nooit inroepen dat ze in hun erfrechtelijke reserve zijn geschonden; ze moeten als het ware hun deel maar afwachten tot de langstlevende is overleden.

Dit regime wordt nu ook uitgebreid naar het stelsel van scheiding van goederen. Als in het huwelijkscontract wordt geregeld dat de langstlevende meer krijgt toegewezen dan zijn of haar eigen goederen, dan wordt dit niet meer beschouwd als schenking en kunnen de gemeenschappelijke kinderen dit in beginsel ook niet meer laten inkorten wegens aantasting van hun reserve.


We zijn met bovenstaande opsomming nog niet compleet geweest maar hebben toch al de meest markante wijzigingen opgesomd. Deze nieuwe wetgeving is sinds 1 september 2018 onmiddellijk van toepassing gegaan op iedereen die na deze datum afspraken maakt. Deze nieuwe bepalingen brengen geen wijzigingen voor de rechtsgeldige bepalingen in hun huwelijkscontracten van vóór deze datum. Bovendien is het ook zo dat de meeste bepalingen van het nieuwe huwelijksvermogensrecht van aanvullend recht zijn en dat echtgenoten er dus bij huwelijkscontract van kunnen afwijken.


Disclaimer

Dit is een publicatie van Leo Stevens & Cie, een beursvennootschap gereglementeerd door de NBB (Nationale Bank van België) en de FSMA (Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten).

Deze publicatie mag niet beschouwd worden als 'onderzoek op beleggingsgebied' zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 3 juni 2007. Het is een publicitaire mededeling. De wettelijke voorschriften ter bevordering van de onafhankelijkheid van onderzoek op beleggingsgebieden zijn hierop niet van toepassing. Eventuele aanbevelingen zijn niet onderworpen aan een verbod om al voor de verspreiding van onderzoek op beleggingsgebied te onderhandelen.

Deze publicatie mag niet als persoonlijk beleggingsadvies beschouwd worden. Leo Stevens & Cie kan niet garanderen dat de in de publicatie behandelde financiële instrumenten voor u geschikt zijn. Mocht u op basis van deze publicatie overgaan tot een financiële transactie, dan draagt u hier zelf de volledige verantwoordelijkheid voor. Beleggen in financiële instrumenten (zoals aandelen) kan grote risico’s inhouden. Alvorens tot een transactie over te gaan, moet een belegger beschikken over de nodige ervaring en kennis om de eventuele risico’s die gepaard gaan met de transactie ten volle in te schatten, in staat zijn om deze risico’s te dragen waarbij beseft moet worden dat het belegde kapitaal geheel of gedeeltelijk verloren kan gaan.

Medewerkers van Leo Stevens & Cie kunnen vóór de verspreiding van deze aanbevelingen handelen in het financieel instrument.

Eventuele rendementen die in deze publicatie vermeld werden, zijn gerealiseerd geworden in het verleden. Er is geen garantie dat zij ook in de toekomst behaald zullen worden. Men kan evenmin zeker zijn dat de beschreven scenario’s, verwachtingen en risico’s zullen uitkomen in de realiteit. Zij dienen als indicatief beschouwd te worden. De gegevens die in de publicatie vermeld worden, zijn louter informatief en kunnen aan veranderingen onderhevig zijn. Wisselkoersschommelingen kunnen vooropgestelde resultaten en rendementen beïnvloeden.

De publicatie geeft de analyse weer van de auteur op de vermelde datum. Hoewel de analyse gebaseerd is op volgens de auteur betrouwbare bronnen, kan de correctheid, volledigheid en actualiteit van de gebruikte informatie niet gegarandeerd worden. Leo Stevens & Cie kan nooit aansprakelijk gesteld worden voor de eventuele onjuistheid of onvolledigheid van bepaalde gegevens in deze publicaties.

Niets in deze publicatie mag gereproduceerd worden zonder de voorafgaande uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming van Leo Stevens & Cie. Deze publicatie is onderworpen aan het Belgisch recht en aan de uitsluitende rechtsmacht van de Belgische rechtbanken.

Ça en vaut la peine

x

zoeken

Wij maken graag tijd voor u