Menu
PORTFOLIO ACCESS
De maatschap - stand van zaken

De maatschap - stand van zaken

Betreft: De maatschap - stand van zaken


In onze Focus.-nieuwbrief van juli 2018 hebben we u al attent gemaakt op een aantal hervormingen die in het ondernemingsrecht hebben plaatsgevonden en die een grote invloed zullen hebben op de bedrijfsvoering van de burgerlijke maatschappen (die vanaf nu gewoon ‘maatschappen’ zullen heten). We hebben op 17 oktober ook een Focus.flash gestuurd waarin we u wezen op het nieuwe UBO-register en dat dit ook zijn implicaties heeft op de discretie van de maatschappen. Met dit schrijven maken we voor u terug even een stand van zaken op, aangezien de inzichten omtrent deze materie blijven evolueren en een aantal (helaas niet alle) onduidelijkheden ondertussen ook zijn beantwoord.


Door de wet van 15 april 2018 houdende de hervorming van het ondernemingsrecht, is het verouderde Wetboek van Koophandel verdwenen en wordt er ook niet meer gesproken van handelaren en vennootschappen maar van ondernemingen. De wetswijziging heeft o.a. tot gevolg dat het verschil tussen vennootschappen met een handelsdoel en vennootschappen met een burgerlijk doel komt te vervallen, dat een aantal vennootschapsvormen verdwijnen en dat andere worden aangepast, en tenslotte dat de regels uit het ondernemingsrecht ook van toepassing worden op de bestaande (burgerlijke) maatschappen, die nu als ‘onderneming zonder rechtspersoonlijkheid’ worden beschouwd.


Dat de maatschap nu een onderneming zonder rechtspersoonlijkheid is, heeft heel wat praktische implicaties:


1. Alle maten van een maatschap kunnen voortaan aansprakelijk gesteld worden voor de schulden van de maatschap.
Gelukkig zal dit in 99% van de gevallen niet al te grote implicaties hebben. In de praktijk hebben de meeste maatschappen geen schulden en enkel een beleggingsportefeuille als actief. Bovendien zou je in de statuten kunnen inschrijven dat de zaakvoerder geen overeenkomsten kan sluiten die tot hoofdelijke aansprakelijkheid van de maten leidt. Dergelijke clausule is ook tegenstelbaar t.o.v. derden waarmee de maatschap zaken zou doen.
2. De ondernemingsrechtbank wordt nu bevoegd. Indien een andere onderneming maar ook een particulier (“de consument”) de maatschap voor het gerecht zou dagen, zal de ondernemingsrechtbank (de vroegere rechtbank van koophandel) nu bevoegd zijn en niet meer de rechtbank van eerste aanleg.
3. Verplichte inschrijving in de Kruispuntbank voor Ondernemingen (KBO)
De maatschap moet zich, net als alle ondernemingen, inschrijven bij een ondernemingsloket en een apart ondernemingsnummer aanvragen. In de KBO zullen minstens de naam, het ondernemingsnummer en de zetel (het adres) van de maatschap zijn terug te vinden. Ook de naam van de zaakvoerder(s) zal moeten worden bekend gemaakt. Door het ministerie van Economische Zaken werd nu wel toegezegd dat het kapitaal van de maatschap (i.t.t. vennootschappen) niet zal moeten vermeld worden; dit veld zal slechts facultatief zijn ingeval men een maatschap registreert in de KBO. Blijft natuurlijk wel dat de ingevoerde gegevens van maatschappen nu door iedereen consulteerbaar zijn op basis van hun naam en/of identificatienummer. Bestaande maatschappen krijgen wel nog tot eind april 2019 de tijd om zich in te schrijven in de KBO.
Nog een klein praktisch gevolg van deze registratie als onderneming is dat de maatschap in haar communicatie met de buitenwereld (zoals op facturen en briefwisseling) haar identificatienummer, haar adres en haar bankrekeningnummer zal moeten vermelden. Een maatschap die enkel een beleggingsportefeuille heeft, zou dus ook een zichtrekening moeten openen.
4. Inschrijving in het UBO-register
De verplichte inschrijving in het nieuw UBO-register, dat is ingevoerd door de Witwaswet, zal tot gevolg hebben dat uiterlijk 31 maart 2019 de uiteindelijke begunstigden van maatschappen moeten bekend gemaakt worden bij de FOD Financiën. De maatschap zal de naam, voornaam, geboortedatum, verblijfplaats, nationaliteit en rijksregisternummer moeten meedelen van alle natuurlijke personen die een belangrijke participatie en/of stemrecht hebben in de maatschap. Buiten een aantal ‘professionelen’ die vanuit de witwaswetgeving een verhoogde waakzaamheid aan de dag moeten leggen, zal in principe eender welke burger een opzoeking kunnen verrichten in het UBO-register. Om die opzoeking te kunnen doen zal men wel over de naam van de maatschap moeten beschikken. Men zal ook niet alle informatie kunnen opvragen : men zal wel van een maatschap kunnen achterhalen dat bijvoorbeeld Jan Jansen 50% van de maatschap ‘Familie Jansen’ bezit; men zal echter niet kunnen achterhalen wat die 50% dan wel waard is. Zoals ook reeds vroeger gemeld, zal men deze opzoeking niet anoniem kunnen doen (de gegevens van wie opzoekingen doet, worden 10 jaar lang bewaard) en is deze betalend. De fiscus zal dit ook kunnen consulteren maar enkel gericht in een specifiek dossier waarover betwisting bestaat en mag niet zomaar wat gaan ‘vissen’.
5. Voeren van een (vereenvoudigde) boekhouding
Als onderneming zal de maatschap een boekhouding moeten voeren. In tegenstellig tot vennootschappen, moet deze boekhouding echter niet openbaar gemaakt worden.
In de mate dat de omzet van een maatschap € 500.000 niet overschrijdt, zullen de maatschappen zich kunnen beperken tot een vereenvoudigde boekhouding. Een vereenvoudigde boekhouding houdt in dat men een aankoopboek, een verkoopboek, een financieel dagboek en een inventarisboek moet bijhouden en men zal deze boekhoudstukken gedurende zeven jaar moeten bewaren.
Er is nog steeds onzekerheid over hoe die jaaromzet dan wel moet berekend worden. In private banking-middens gaat men ervan uit dat de effectentransacties buiten het omzetbegrip vallen, zodat in de praktijk quasi geen enkele maatschap zal verplicht worden een dubbele boekhouding te voeren en dus een vereenvoudigde boekhouding zal volstaan.
Ook blijft de onzekerheid bestaan over wat nu juist onder die verschillende boeken en boekhoudstukken moet worden verstaan die men als maatschap zal moeten houden en bewaren. De financiële sector heeft de vraag gesteld aan de Commissie voor Boekhoudkundige Normen (CBN) of het simpelweg bijhouden van alle rekeninguittreksels en portefeuilleoverzichten hiervoor volstaat. Het kan echter nog even duren vooraleer hier een definitief antwoord op gegeven is. Ook al gelden voor nieuwe maatschappen deze boekhoudregels al vanaf 1 november 2018, voor bestaande maatschappen geldt een overgangsregeling waarbij ze pas voor het eerst een boekhouding moeten voeren over het boekjaar 2020 (indien boekjaar en kalenderjaar samenvallen).


Conclusie


De nieuwe wetgeving die sinds kort in voege is getreden, wijzigt heel wat voor de maatschappen en betekent sowieso het einde van de absolute discretie die tot nu toe rond dit structureringsvehikel bestond. Tegen 31 maart 2019 ten laatste, met de verplichting van het UBO-register, zullen de eerste concrete stappen moeten genomen worden om aan sancties te ontsnappen. Tot dan heeft u de tijd om zich te beraden of de bijkomende verplichtingen en het verlies aan discretie opwegen tegen de voordelen die de maatschap als familiaal planningsinstrument te bieden heeft. Voor sommigen kan dit de aanleiding zijn om de maatschap definitief te ontbinden, zeker als de ouder/schenker de behoefte niet meer zo voelt om het familiaal vermogen nog verder (alleen) te beheren, anderen daarentegen prefereren waarschijnlijk de verankering van het familievermogen in de maatschap te behouden maar dan dringt zich vaak een naamswijziging op om de link met de familienaam te verbreken en op die manier toch net een beetje minder zichtbaar te zijn voor curieuze neuzen.


Indien u hierover nog verdere vragen heeft of bijkomende informatie wenst, kan u hiervoor contact opnemen met uw relatiebeheerder.

Disclaimer

Dit is een publicatie van Leo Stevens & Cie, een beursvennootschap gereglementeerd door de NBB (Nationale Bank van België) en de FSMA (Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten).

Deze publicatie mag niet beschouwd worden als 'onderzoek op beleggingsgebied' zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 3 juni 2007. Het is een publicitaire mededeling. De wettelijke voorschriften ter bevordering van de onafhankelijkheid van onderzoek op beleggingsgebieden zijn hierop niet van toepassing. Eventuele aanbevelingen zijn niet onderworpen aan een verbod om al voor de verspreiding van onderzoek op beleggingsgebied te onderhandelen.

Deze publicatie mag niet als persoonlijk beleggingsadvies beschouwd worden. Leo Stevens & Cie kan niet garanderen dat de in de publicatie behandelde financiële instrumenten voor u geschikt zijn. Mocht u op basis van deze publicatie overgaan tot een financiële transactie, dan draagt u hier zelf de volledige verantwoordelijkheid voor. Beleggen in financiële instrumenten (zoals aandelen) kan grote risico’s inhouden. Alvorens tot een transactie over te gaan, moet een belegger beschikken over de nodige ervaring en kennis om de eventuele risico’s die gepaard gaan met de transactie ten volle in te schatten, in staat zijn om deze risico’s te dragen waarbij beseft moet worden dat het belegde kapitaal geheel of gedeeltelijk verloren kan gaan.

Medewerkers van Leo Stevens & Cie kunnen vóór de verspreiding van deze aanbevelingen handelen in het financieel instrument.

Eventuele rendementen die in deze publicatie vermeld werden, zijn gerealiseerd geworden in het verleden. Er is geen garantie dat zij ook in de toekomst behaald zullen worden. Men kan evenmin zeker zijn dat de beschreven scenario’s, verwachtingen en risico’s zullen uitkomen in de realiteit. Zij dienen als indicatief beschouwd te worden. De gegevens die in de publicatie vermeld worden, zijn louter informatief en kunnen aan veranderingen onderhevig zijn. Wisselkoersschommelingen kunnen vooropgestelde resultaten en rendementen beïnvloeden.

De publicatie geeft de analyse weer van de auteur op de vermelde datum. Hoewel de analyse gebaseerd is op volgens de auteur betrouwbare bronnen, kan de correctheid, volledigheid en actualiteit van de gebruikte informatie niet gegarandeerd worden. Leo Stevens & Cie kan nooit aansprakelijk gesteld worden voor de eventuele onjuistheid of onvolledigheid van bepaalde gegevens in deze publicaties.

Niets in deze publicatie mag gereproduceerd worden zonder de voorafgaande uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming van Leo Stevens & Cie. Deze publicatie is onderworpen aan het Belgisch recht en aan de uitsluitende rechtsmacht van de Belgische rechtbanken.

Ook de moeite waard

x

zoeken