Menu
PORTFOLIO ACCESS
Overgang van vruchtgebruik naar de langstlevende partner na overlijden

Overgang van vruchtgebruik naar de langstlevende partner na overlijden

Overgang van vruchtgebruik naar de langstlevende partner na overlijden: een verschillende taxatie al naargelang de situatie

1. Het wettelijk voortgezet vruchtgebruik
In onze nieuwsbrief van oktober 2018 hebben we al toegelicht dat het nieuwe artikel 858bis §3 van het Burgerlijk Wetboek een nieuw wettelijk ‘voortgezet vruchtgebruik’ voorziet wanneer één van de echtgenoten een eigen goed schenkt waarbij deze voor zichzelf het vruchtgebruik voorbehoudt.

Concreet betekent dit dat als iemand de blote eigendom van eigen (dus niet-gemeenschappelijke) goederen aan de kinderen schenkt en voor zichzelf het vruchtgebruik voorbehoudt, de kinderen/blote eigenaars bij het overlijden van de vruchtgebruiker dan geen volle eigenaar meer worden maar dat dit vruchtgebruik eerst bij de langstlevende echtgenoot zal terecht komen. Pas als de langstlevende overlijdt, zullen de kinderen volle eigenaar worden. Opdat dit wettelijk voortgezet vruchtgebruik toepassing zou vinden, is wel vereist dat de overlevende partner op het ogenblik van de schenking al gehuwd of wettelijk samenwonend was met de schenker.

Dit nieuwe artikel geldt trouwens ook voor wettelijk samenwonende partners, in zoverre het om een schenking van de gezinswoning gaat en in zoverre de partners ten tijde van de schenking al wettelijk samenwonend waren.

In het Vlaamse Gewest is expliciet bepaald dat deze nieuwe rechtsfiguur van het voortgezet vruchtgebruik zal onderworpen worden aan successierechten in hoofde van de verkrijgende langstlevende echtgenoot, behalve voor wat betreft de gezinswoning: die is vrijgesteld van successierechten in hoofde van de echtgenoot of samenwonende partner.

Alhoewel er in Brussel of Wallonië geen nieuw artikel is voorzien om dit wettelijk voortgezet vruchtgebruik aan successierechten te onderworpen gaat de rechtsleer ervan uit dat ook in die gewesten successierechten zullen zijn verschuldigd omdat het om een vererving van vruchtgebruik gaat.

2. Terugval van vruchtgebruik
Als één van de echtgenoten of partners eigen goederen aan de kinderen zou geschonken hebben en zichzelf het vruchtgebruik voorbehoudt én als voorwaarde in de schenkingsakte oplegt dat dit vruchtgebruik bij de langstlevende partner terechtkomt, dan spreken we niet over een wettelijk voortgezet vruchtgebruik want dit vruchtgebruik wordt niet door de wet opgelegd maar als een voorwaarde van de schenking. In dat geval spreken we over een ‘terugval van vruchtgebruik’.

In het Vlaamse Gewest is op dergelijke terugval van vruchtgebruik geen erfbelasting verschuldigd maar wel schenkbelasting. Dit zal meestal voordeliger zijn en zeker bij terugval van het vruchtgebruik op roerende goederen zoals een effectenportefeuille; daarvoor geldt immers een vlak schenkingstarief van 3% ongeachte de grootte van het bedrag. Maar in het geval van de gezinswoning zal dit dan wel nadeliger zijn want voor de schenkbelasting geldt er geen vrijstelling voor de gezinswoning terwijl die wel geldt voor de erfbelasting.

In het Brusselse en het Waalse Gewest zal de terugval van vruchtgebruik bij het overlijden van een inwoner van die gewesten dan weer wel aan successierechten onderworpen zijn en niet aan schenkingsrechten.

3. Aanwas van vruchtgebruik
Wanneer echtgenoten of partners een schenking doen van de blote eigendom van gemeenschappelijke of onverdeelde goederen en in de schenkingsakte als last opleggen dat bij overlijden van één van hen, zijn deel in het vruchtgebruik zal aangroeien bij de langstlevende, spreken we over ‘aanwas van vruchtgebruik’.
Aangezien deze aanwas van vruchtgebruik voor de (huwelijks)partners een zogenaamd ‘beding ten behoeve van zichzelf’ uitmaakt, zullen er bij deze aanwas helemaal geen rechten zijn verschuldigd. Deze redenering gaat trouwens op voor alle gewesten in België.

Schematisch kunnen we alle voormelde hypothesen als volgt samenvatten:
Wettelijk voortgezet vruchtgebruik Terugval van vruchtgebruik Aanwas van vruchtgebruik
Waarop slaat het? Eigen goed Eigen goed Gemeenschappelijk/onverdeeld goed
Taxatie in Vlaanderen Erfbelasting Schenkbelasting Niets
Taxatie in Brussel / Wallonië Successierechten Successierechten Niets


Conclusie
Ouders die in het kader van hun successieplanning bij leven reeds wensen te schenken aan hun kinderen maar zich toch ook nog een vruchtgebruik wensen voor te behouden om te kunnen blijven genieten van de inkomsten van dat geschonken vermogen, zullen zich, nog meer dan vroeger, goed moeten laten adviseren. De fiscale behandeling bij overlijden zal immers anders zijn al naargelang het om gemeenschappelijke of eigen goederen gaat en -indien het om eigen goederen gaat- of het raadzaam is het vruchtgebruik bij de andere partner te laten terechtkomen en zo ja, of dit dan best als een schenkingsvoorwaarde wordt voorzien of dat men het wettelijk voortgezet vruchtgebruik wil laten spelen. Daarenboven komt ook nog dat de regionalisering van de registratie-en successierechten nog eens tot een ander fiscaal resultaat kan leiden afhankelijk van het gewest waarin de schenker woont.

Disclaimer

Dit is een publicatie van Leo Stevens & Cie, een beursvennootschap gereglementeerd door de NBB (Nationale Bank van België) en de FSMA (Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten).

Deze publicatie mag niet beschouwd worden als 'onderzoek op beleggingsgebied' zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 3 juni 2007. Het is een publicitaire mededeling. De wettelijke voorschriften ter bevordering van de onafhankelijkheid van onderzoek op beleggingsgebieden zijn hierop niet van toepassing. Eventuele aanbevelingen zijn niet onderworpen aan een verbod om al voor de verspreiding van onderzoek op beleggingsgebied te onderhandelen.

Deze publicatie mag niet als persoonlijk beleggingsadvies beschouwd worden. Leo Stevens & Cie kan niet garanderen dat de in de publicatie behandelde financiële instrumenten voor u geschikt zijn. Mocht u op basis van deze publicatie overgaan tot een financiële transactie, dan draagt u hier zelf de volledige verantwoordelijkheid voor. Beleggen in financiële instrumenten (zoals aandelen) kan grote risico’s inhouden. Alvorens tot een transactie over te gaan, moet een belegger beschikken over de nodige ervaring en kennis om de eventuele risico’s die gepaard gaan met de transactie ten volle in te schatten, in staat zijn om deze risico’s te dragen waarbij beseft moet worden dat het belegde kapitaal geheel of gedeeltelijk verloren kan gaan.

Medewerkers van Leo Stevens & Cie kunnen vóór de verspreiding van deze aanbevelingen handelen in het financieel instrument.

Eventuele rendementen die in deze publicatie vermeld werden, zijn gerealiseerd geworden in het verleden. Er is geen garantie dat zij ook in de toekomst behaald zullen worden. Men kan evenmin zeker zijn dat de beschreven scenario’s, verwachtingen en risico’s zullen uitkomen in de realiteit. Zij dienen als indicatief beschouwd te worden. De gegevens die in de publicatie vermeld worden, zijn louter informatief en kunnen aan veranderingen onderhevig zijn. Wisselkoersschommelingen kunnen vooropgestelde resultaten en rendementen beïnvloeden.

De publicatie geeft de analyse weer van de auteur op de vermelde datum. Hoewel de analyse gebaseerd is op volgens de auteur betrouwbare bronnen, kan de correctheid, volledigheid en actualiteit van de gebruikte informatie niet gegarandeerd worden. Leo Stevens & Cie kan nooit aansprakelijk gesteld worden voor de eventuele onjuistheid of onvolledigheid van bepaalde gegevens in deze publicaties.

Niets in deze publicatie mag gereproduceerd worden zonder de voorafgaande uitdrukkelijke en schriftelijke toestemming van Leo Stevens & Cie. Deze publicatie is onderworpen aan het Belgisch recht en aan de uitsluitende rechtsmacht van de Belgische rechtbanken.

Ça en vaut la peine

x

zoeken

Wij maken graag tijd voor u